Premie

Nominale premie
Voor elke verzekerde vanaf 18 jaar is de verzekeringnemer nominale premie voor de basisverzekering verschuldigd . Voor kinderen tot 18 jaar wordt dus geen nominale premie berekend. De nominale premie wordt berekend vanaf de eerste dag van de kalendermaand, volgend op het bereiken van de 18-jarige leeftijd.

Voorbeeld: een verzekerd kind wordt op 3 juli 18 jaar. Vanaf 1 augustus wordt er voor dit kind nominale premie in rekening gebracht.

De nominale premie wordt door de zorgverzekeraar in rekening gebracht. De hoogte van de nominale premie kan door de verzekeraar worden vastgesteld en is gebaseerd op de gekozen modelovereenkomst.. Een modelovereenkomst gebaseerd op een naturapakket zal over het algemeen goedkoper zijn dan een modelovereenkomst op basis van een restitutiepakket. De premiegrondslag voor een modelovereenkomst is de premie voor de betreffende modelovereenkomst zonder dat er kortingen zijn doorgerekend. De verzekeraar mag namelijk geen onderscheid maken in de premiegrondslag op basis van leeftijd of zorgconsumptie. Voor iedereen die voor een bepaalde modelovereenkomst kiest is de premiegrondslag daarom gelijk.

De premie kan wel door de verzekerde worden be´nvloed door een eigen risico te kiezen (als de verzekeraar die optie aanbiedt). De verzekeraar moet in de modelovereenkomst duidelijk maken wat de grondslag van de premie is, samen met de eventuele premiekortingen. Op de zorgpolis staat gespecificeerd hoe de te betalen premie is opgebouwd (premiegrondslag minus eventuele kortingen is de te betalen premie).

Een wijziging in de premiegrondslag kan door de verzekeraar worden doorgevoerd per de eerste dag van de tweede kalendermaand volgend op de datum van aankondiging van de wijziging. Bij een wijziging in negatieve zin heeft de verzekeringnemer het recht de zorgpolis op te zeggen.

De nominale premie moet 45% van de totale macroschadelast opbrengen. De overheid berekent jaarlijks een rekenpremie. Deze rekenpremie is het bedrag wat (volgens berekening van de overheid) verzekeraars gemiddeld in rekening zouden moeten brengen om alle kosten te dekken.

De inkomensafhankelijke bijdrage
Naast de nominale premie is er een inkomensafhankelijke bijdrage verschuldigd. Deze inkomensafhankelijke bijdrage wordt geheven over het inkomen in het betreffende jaar.

Het percentage van de inkomensafhankelijke bijdrage wordt (globaal) geheven over:
  • het belastbare loon (voor werknemers)
  • de belastbare winst uit onderneming (voor zelfstandigen)
  • het belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden (bijvoorbeeld van freelancers)
  • periodieke uitkeringen en verstrekkingen (zoals alimentatie, AOW, pensioenen, WAO, lijfrenten etc)
Bij een loonvak korter dan een jaar wordt de inkomensafhankelijke bijdrage berekend over het (pro-rato) herleide loon, waarbij een jaar op 260 (werk)dagen wordt gesteld.

De inkomensafhankelijke bijdrage wordt door de Belastingdienst geheven. Voor werknemers wordt de bijdrage door de werkgever ingehouden en afgedragen, voor mensen met een uitkering houdt de uitkerende instantie de bijdrage in. Zelfstandigen betalen de inkomensafhankelijke bijdrage achteraf door middel van de belastingaangifte.